INTERVIEW

ZO'N 700.000 BELGEN HEBBEN COPD

VIC IS EEN VAN HEN

Camille Van Den Bossche

Hoe kan de
apotheker je helpen?

Niets doet vermoeden dat Vic (75) eigenlijk ongeneeslijk ziek is. Een scherpe geest, energieke bewegingen en het enthousiasme van een jongeling. Tijdens ons gesprek valt me zijn diepe baritonstem op waarop menig sinterklaas-imitator jaloers zou zijn. Maar tegelijkertijd verraadt die ook dat Vic graag en veel rookte. En dat bleef niet zonder gevolgen. Zo’n 8 jaar geleden kwam aan het licht dat hij COPD heeft.

Wanneer merkte je zelf voor het eerst dat er iets mis was?

Vic: “Dat is eigenlijk zeer geleidelijk gekomen. ’s Morgens had ik vaak wat last van een hoest maar dat leek me nooit ernstig. Mijn vrouw begon me er dan toch attent op te maken dat ik ’s nachts echt piepende en krakende geluiden begon te maken maar ook dat deed nog niet meteen een alarmbelletje luiden. Tot ik op een dag een radiogesprek hoorde met een specialist die een aantal symptomen opsomde die me wel heel bekend voorkwamen. Er was die piepende ademhaling, veters knopen werd moelijker, tintelende benen tijdens het wandelen, een vermoeid gevoel na het douchen, enz. Diezelfde dag nog heb ik mijn laatste sigaret uitgedoofd.”

Maar toch kwam de juiste diagnose pas later?

Vic: ”Het duurde inderdaad nog zo’n 2,5 jaar vooraleer ik echt wist dat het om COPD ging. Eerst dacht men aan bronchitis, erna aan chronische bronchitis maar na een longfunctietest bleek het toch een pak ernstiger te zijn. Tijdens die test adem je eerst goed in om vervolgens je longen in één keer krachtig leeg te maken. Op basis van het volume dat je uitademt kan men dan zien of er sprake is van COPD en vooral hoe ernstig het gesteld is. Er zijn namelijk vier gradaties en ik bleek in het tweede stadium te zitten waardoor

ik gelukkig nog vrij veel kan en doe. Maar het was toch nog steeds een hele klap toen ik de diagnose hoorde en tot me doordrong wat dit betekende. Ik herinner me dat ik het niet meteen gezegd kreeg tegen mijn vrouw. Ik ben altijd leraar geweest en ging – ook na mijn pensioen – met plezier mee op sneeuwklassen maar dat vond de arts geen goed idee meer. Dat heb letterlijk ik op een papiertje moeten opschrijven voor mijn vrouw omdat ik de woorden niet uitgesproken kreeg.”

Wat is er sindsdien veranderd in je leven?

Vic: ”Ik heb het geluk dat ik me – ondanks alles – nog vrij goed voel. Met mijn hart, bloedwaarden of cholesterol gaat het prima. Het probleem zit dus echt in mijn longen. ’s Morgens moet ik wel veel slijm ophoesten en mijn benen voelen wat zwaarder, al heeft dat natuurlijk ook gewoon met de leeftijd te maken. Vooral korte inspanningen worden steeds moeilijker. En het vraagt natuurlijk wel wat discipline om je behandeling heel strikt te volgen. Elke dag moet ik ’s morgens en ’s avonds puffen om zo weinig mogelijk last te hebben van die kortademigheid. Dat is een vast onderdeel van de dag waar je gewoon rekening moet mee houden. Ik heb overdag ook altijd een puffer bij me voor als er even een moeilijk moment is. Maar alles bij elkaar ben ik een vrij gezonde COPD-lijder en doe ik er ook alles aan om mijn conditie op peil te houden.”

Merk je dat bewegen een verschil maakt?

Vic: ”Dat is de tip die ik aan elke lotgenoot meegeef: blijf in beweging. Ik heb mijn leven lang gesport en sinds ik de diagnose heb gekregen, schenk ik er zelfs nog meer aandacht aan. Die korte, hevige inspanningen dat lukt me niet zo goed meer door de COPD maar dat compenseer ik door lange wandelingen te maken en wekelijks te gaan dansen. Ik probeer om elke week toch minstens zes keer te gaan stappen op een vlakke ondergrond en aan mijn eigen tempo. Het liefst in de vrije natuur of aan de zee want je voelt dat dat echt deugd doet aan je longen.”

COPD is onlosmakelijk verbonden met roken. Hoe kijk je daar zelf naar?

Vic: ”Kijk, ik besef natuurlijk wel dat ik dit zelf in de hand heb gewerkt door 42 jaar te roken. Maar je moet het natuurlijk ook in zijn tijdsgeest zien. Ik zat nog op de schoolbanken toen ik mijn eerste sigaret aanstak. Gewoon omdat iedereen het toen deed. De sigaret was een heel gewone zaak. De boer, de leraar en zelfs de arts hadden steeds een sigaret in de mond. In die tijd hadden we geen flauw benul van de gezondheidsrisico’s. Pas in de jaren ’70 kwam er een mentaliteitswijziging maar toen waren veel mensen natuurlijk al verknocht aan hun sigaret. Het zijn die mensen die nu massaal COPD krijgen. Toen ik hoorde dat COPD ongeneesbaar is, ben ik meteen gestopt met roken. Ik had het geluk dat ik binnen de familie de enige was die rookte waardoor

"Als je wilt leven, moet je er ook iets voor doen."


Vic

het iets makkelijker was om te stoppen. Als ex-roker weet je natuurlijk perfect hoe verleidelijk die sigaret is, maar toch heeft het alleen maar voordelen om te stoppen. Ik ruik nu beter, heb meer smaak en het is beter voor je lichaam. Ik doe nu mijn best om zoveel mogelijk rokers te overtuigen dat de sigaret geen problemen oplost. Integendeel, ze creëert er alleen nog bij.”

Intussen ben je voorzitter van de eerste patiëntenvereniging voor mensen die COPD hebben. Vreemd eigenlijk dat die er nu pas is?

Vic: ”Dat klopt en tegelijkertijd is het ook wel een beetje begrijpelijk. Het probleem is dat COPD niet altijd zo zichtbaar is. Zolang je in het eerste of tweede stadium zit, kun je er perfect gezond uitzien. Ook al moet je elke dag medicatie nemen, heb je last van kortademigheid, kun je minder inspanningen leveren, enz. Daardoor praten de meeste mensen niet zo graag over hun aandoening, ook omdat er vaak een soort van schuldbesef is.
Heel veel patiënten voelen toch wel wat schaamte over hun ziekte en het feit dat ze zelf deel van de oorzaak zijn. Maar het heeft

geen zin om voortdurend met dat schuldgevoel rond te lopen ofspijt te hebben dat je ooit begon te roken. Je kan die klok niet terugdraaien. Daarom hebben we die patiëntenvereniging opgericht zodat lotgenoten elkaar kunnen motiveren om actief te blijven en positief in het leven te staan. Als je jezelf opsluit, dan is het snel voorbij. Het is belangrijk dat je buiten komt, ook al lukt dat allemaal niet zo goed meer als vroeger. Als je het mentaal opgeeft, bestaat de kans dat je zelfs opnieuw naar de sigaret grijpt.”

Hoe ziet de toekomst eruit?

Vic: ”Dat valt moeilijk te voorspellen. Om het half jaar ga ik op controle en zie ik de evolutie van mijn ademcapaciteit. Mijn aandoening zal waarschijnlijk ooit betekenen dat er een einde aan komt maar daar ben ik zo weinig mogelijk mee bezig. Het belangrijkste is om iedere dag te doen waartoe je fysiek in staat bent want als je wilt leven, moet je er ook iets voor doen.”