INTERVIEW PROF. DR. WIM JANSSENS

"De apotheker speelt een cruciale rol in het opvolgen en coachen van COPD-patiënten."

Camille Van Den Bossche

HOE KAN DE APOTHEKER JE HELPEN?

Waarvoor staat de afkorting COPD eigenlijk precies?

Prof. Janssens: “Chronic Obstructive Pulmonary Disease. Een dure term voor wat we in de volksmond al snel de rokerslong noemen. Een aandoening waarbij de luchtwegen ontsteken en vernauwen, het longweefsel afbreekt en je dus– vaak – een gestoorde longfunctie krijgt. Bij ons – in de westerse wereld - is dat voor 90 procent van de patiënten gelinkt aan roken. Er is ook nog een kleine groep van patiënten die COPD krijgen zonder ooit te roken. Meestal door het inademen van toxische dampen - bijvoorbeeld op het werk -, infecties of zelfs astma. Maar roken is dus met voorsprong de grootste boosdoener. Die rook zorgt ervoor dat de luchtwegen onherstelbaar vernauwen en verlittekenen. Eenmaal je COPD hebt, kun je er dus ook niet meer van genezen. Integendeel, dit proces wordt steeds erger.”

Loopt elke roker het risico op COPD?

Prof. Janssens: “Het is in ieder geval niet zo dat elke roker COPD krijgt maar het gaat toch om 1 op 3 rokers. Als je weet dat 21 procent van de bevolking rookt, dan kun je snel uitrekenen dat het om een enorm aantal gaat. Alleen al voor België spreken we over

zo’n 350.000 patiënten. Maar zij vormen slechts het topje van de ijsberg. Er zijn ook nog heel veel patiënten die het eenvoudigweg niet weten dat ze COPD hebben omdat er zich nog geen duidelijke symptomen manifesteren. Daarom vermoeden we dat het in totaal om ongeveer 700.000 mensen gaat. Dat is 6 à 7 procent van de bevolking. Het is niet echt duidelijk waarom de ene roker wel COPD ontwikkelt en de andere niet, maar een aantal genetische- en omgevingsfactoren spelen zeker een rol waardoor de ene mens vatbaarder is voor de schadelijke effecten van rook dan de andere. Want er is ook een grote groep die ongestraft kan roken. Het is te zeggen, toch voor wat COPD betreft. Zij kunnen natuurlijk wel andere rook-gerelateerde aandoeningen krijgen zoals longkanker of hart- en vaatproblemen.”

Welke symptomen wijzen mogelijks op COPD?

Prof. Janssens: “Er zijn eigenlijk drie belangrijke kenmerken: kortademigheid, hoesten en het ophoesten van fluimen. Iemand die rookt en deze symptomen herkent, ondergaat dus best een longfunctietest. Pas dan kunnen we met zekerheid bepalen of er een vernauwing is van de luchtwegen en het dus echt om COPD gaat. Want kortademigheid kan bijvoorbeeld ook het gevolg zijn van een slechte conditie of een hartaandoening.”

Welk effect heeft COPD op de levenskwaliteit?

Prof. Janssens: “Dat hangt erg af van het stadium van de ziekte. Mensen kunnen vrij veel longfunctie verliezen voordat ze merken dat er iets aan de hand is. Meestal is dat kortademigheid bij een piekinspanning, een aanslepende hoest of bronchitis na een doorgemaakte infectie. COPD-patiënten die tijdig de diagnose krijgen en stoppen met roken kunnen vaak een normaal en comfortabel leven leiden. Maar naarmate de aandoening verder evolueert, wordt de impact natuurlijk wel groter. Heel wat patiënten moeten hun sociale en professionele activiteiten stopzetten, worden minder mobiel en hebben op termijn extra zuurstof nodig voor verplaatsingen en zelfs in rust. Dan is het zeer belangrijk dat je kunt terugvallen op een sterk ondersteunend netwerk. Gelukkig kunnen heel wat mensen rekenen op een begripvolle omgeving maar vaak zien we dat de ziekte ook leidt tot een totaal isolement. En probeer dan nog maar eens te stoppen met roken! Een ander sluipend gevaar is fysieke inactiviteit en conditieverlies. Patiënten met COPD zijn kortademig bij inspanning en gaan daardoor inspanningen en activiteiten vermijden. Vaak zelfs onbewust door de lift te nemen in plaats van de trap, de bus in plaats van de fiets. Hierdoor geraken ze uit conditie en leidt elke inspanning tot verdere kortademigheid. Om deze vicieuze cirkel te voorkomen, manen we de patiënten aan om heel actief te blijven. Maar soms is een volwaardig trainingsprogramma noodzakelijk om hier uit te geraken.”

Als het proces onomkeerbaar is, heeft het dan eigenlijk nog zin om te stoppen met roken?

Prof. Janssens: “Absoluut. Kijk, naarmate je veroudert gaan de luchtwegen sowieso al wat vernauwen. COPD gaat dat mechanisme nog versterken en bespoedigen maar door te stoppen met roken kun je dat proces weer afremmen. Afremmen maar niet stoppen. De schade die er is, daar moet je natuurlijk wel meer leren omgaan. En hoe meer je gerookt hebt, hoe groter het risico op COPD. Maar als je bijvoorbeeld na tien jaar roken afscheid neemt van de sigaret, dan heeft dat wel degelijk een positief effect. Net zoals de kans op longkanker verkleint met elk jaar dat je stopt met roken.”

Er zijn op het eerste zicht heel wat gelijkenissen met astma, maar toch maakt men een onderscheid?

Prof. Janssens: “Wel, astma is ook een ontsteking van de luchtwegen maar het verschil zit hem in de aard en de oorzaak van de ontsteking. COPD is overduidelijk een ziekte die gelinkt is aan roken terwijl dat voor astma helemaal niet geldt. Astma kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van een allergie en ontstaat klassiek op jongere leeftijd. Bovendien is het zo dat we astma in 90% van de gevallen heel goed kunnen behandelen en dus ook volledig herstelt. Maar in sommige gevallen kent astma een slechte evolutie en ontstaat een gelijkaardig beeld als bij COPD, vooral bij rokers. Het relatieve voordeel aan astma is dat er niet zo’n stigma aan kleeft.”

Geldt dat dan wel voor COPD?

Prof. Janssens: “Wanneer mensen het woord ‘rokerslong’ horen dan leggen ze de schuld al snel bij de patiënt. En dat is begrijpelijk en misschien is het voor een deel ook terecht. Maar als je als maatschappij toestaat dat we mogen roken, dan moet je natuurlijk ook voor de gevolgen instaan. Zeker mensen die lang geleden begonnen zijn met roken en nu COPD hebben, wisten toen niet dat roken zo schadelijk was. Het was een andere tijdsgeest, er werd overal gerookt. Tot het dokterskabinet toe. Voor mensen die nu nog roken en vooral jongeren die nog starten met roken, ligt die schuldvraag wel meer op tafel. Daarom durven zo weinig patiënten ook over hun aandoening te spreken. Ergens schamen ze zich, zij durven niet op tafel kloppen en komen niet op voor hun rechten. Pas heel recent hebben we een patiëntenvereniging opgericht in Vlaanderen en dat voor een aandoening die vaker voorkomt dan pakweg diabetes of de ziekte van Alzheimer.”

Zijn bepaalde bevolkingsgroepen kwetsbaarder voor COPD?

Prof. Janssens: “Vermits het zo direct gelinkt is aan roken, moeten we gaan kijken naar wie rookt en dan blijken de socio-economische omstandigheden daar toch een belangrijke rol te spelen. Maar ook opleiding. Minder dan 5% van de studenten uit het ASO rookt nog dagelijks, voor het BSO of beroepsonderwijs is dit nog 25%. Het is bekend dat mensen uit een lager socio-economisch milieu minder bereikbaar en minder vatbaar zijn voor allerlei ontradingscampagnes. Maar dit wil ook zeggen dat COPD meer en meer een ziekte is die maatschappelijk wordt bepaald, en die vooral de zwakkere groepen erger treft. En dat is zorgwekkend!”

“Een tijdige diagnose zorgt ervoor dat mensen vaak nog lang comfortabel kunnen leven."


Prof. dr. Wim Janssens

Heeft COPD ook een impact op de levensverwachting?

Prof. Janssens: “Ook hier wisselt het erg van persoon tot persoon. Patiënten die tijdig kunnen stoppen met roken, hun fysieke conditie onderhouden en gespaard blijven van ernstige luchtweginfecties, hebben eigenlijk een relatief goede prognose. Dan kan deze aandoening best een lange tijd stabiel of traag evolutief zijn. Anderen gaan dan weer snel achteruit, hebben veel zwaardere medicatie nodig en moeten we dikwijls in het ziekenhuis opnemen omwille van acute kortademigheid. Dan wordt het een dagelijkse strijd tegen de ziekte en is de prognose veel minder gunstig. In deze groep van mensen ligt de mortaliteit heel hoog. Een klein deel van die zeer ernstige COPD-patiënten komen wel in aanmerking voor een longtransplantatie maar met een 120-tal longtransplantaties per jaar in België, begrijpt u dat dit slechts voor een heel kleine groep van patiënten een tweede kans is.”

COPD is ongeneeslijk. Wil dat zeggen dat de situatie eigenlijk hopeloos is?

Prof. Janssens: “Helemaal niet, er zijn wel degelijk een aantal middelen die ervoor kunnen zorgen dat patiënten toch comfortabel

kunnen leven. Er zijn vier grote pijlers. In de eerste plaats is het uiteraard van het allergrootste belang dat de patiënt stopt met roken. Daarnaast maken we ook werk van een goede bescherming tegen infecties. Zelfs een banale verkoudheid kan een ernstige impact hebben op de longfunctie dus moeten we ervoor zorgen dat men voldoende gevaccineerd is of de juiste voorzorgsmaatregelen neemt. Patiënten met COPD moeten voldoende actief blijven en zo nodig voor een revalidatieprogramma worden verwezen. En de vierde belangrijke pijler is het gebruik van medicatie, de zogenaamde puffers.”

Wat doen die precies?

Prof. Janssens: “Zijn gaan die vernauwde luchtwegen echt opentrekken. Ze kunnen uiteraard de aandoening niet genezen maar zorgen wel weer voor meer comfort en bieden - letterlijk – wat meer ademruimte. De laatste 15 jaar is er een enorme evolutie geweest in de kwaliteit van deze medicatie en inhalatoren waardoor we nu over hele krachtige middelen beschikken die de luchtwegen goed en langdurig openhouden. De medicatie correct en stipt gebruiken blijft cruciaal maar, het is ook aan de patiënt om die extra capaciteit goed te benutten, naar buiten te komen en voldoende actief te blijven.”

Kan de apotheker daarbij helpen?

Prof. Janssens: “Apothekers spelen eigenlijk een cruciale rol in het opvolgen en coachen van de inhalatiebehandeling. Niet elke patiënt kan hetzelfde type puffer gebruiken en vaak is er een bijsturing nodig. Apothekers worden daar goed voor opgeleid en zijn uiterst geschikt om de COPD-patiënt te begeleiden in het correct gebruik van medicatie. Maar er is zeker meer. Ze kunnen patiënt ook informeren en ondersteunen in de drie andere therapiepijlers.”


BIO PROF. DR. WIM JANSSENS

  • Long- en revalidatiearts Dienst Pneumologie, UZLeuven
  • Hoofddocent Faculteit Geneeskunde KULeuven

HOE KAN DE
APOTHEKER JE HELPEN?

Camille Van Den Bossche

Camille Van Den Bossche

Apotheker Surpluspartners